Kennisbank

Internal Rate of Return (IRR): uitleg, berekening en voorbeelden

Inhoudsopgave

Je legt €1.000 in en krijgt later geld terug. Hoeveel rendement maak je dan per jaar? Bij één aankoop en één verkoop is dat overzichtelijk. Met tussentijdse uitkeringen of extra stortingen wordt het lastiger.

De Internal Rate of Return (IRR), of interne rentabiliteit, vat een reeks kasstromen samen in één rendementspercentage per periode. Het moment waarop je betaalt of ontvangt telt daarbij mee. Bij jaarlijkse kasstromen is de uitkomst een jaarrendement.

IRR is handig bij investeringsprojecten, vastgoed en beleggingen met meerdere betalingen. Maar kijk ook naar de bedragen achter het percentage: 30% op €1.000 kan minder waarde opleveren dan 20% op €10.000.

Wat betekent IRR?

IRR beantwoordt deze vraag: bij welk percentage zijn de toekomstige ontvangsten, teruggerekend naar vandaag, precies evenveel waard als de investering?

Dat terugrekenen heet verdisconteren. Geld dat je pas over twee jaar ontvangt, telt minder zwaar dan geld dat je nu krijgt: je moet erop wachten en loopt ondertussen risico.

De IRR is het percentage waarbij de netto contante waarde, afgekort NCW, nul wordt. Nul betekent hier niet dat je geen winst maakt. Het betekent dat de ontvangsten precies opwegen tegen de investering als je ze met dat percentage terugrekent.

IRR berekenen: een voorbeeld met twee jaren

Stel: je koopt een fictieve belegging voor €1.000. Aan het einde van jaar 1 ontvang je €100. Aan het einde van jaar 2 krijg je €1.100, inclusief de verkoopopbrengst. Daarna is de belegging afgelopen.

Drie kasstromen, één jaarrendement
Vandaag · investering−€1.000
Na één jaar · uitkering+€100
Na twee jaar · slotontvangst+€1.100

IRR: 10% per jaar

Fictief voorbeeld. De €1.100 is de volledige laatste ontvangst, inclusief verkoop. Alle betalingen na de inleg liggen precies één jaar uit elkaar; geen kosten of belasting.

Vanuit jouw perspectief is geld dat je betaalt negatief en geld dat je ontvangt positief. De kasstromen zijn dus −1.000, +100 en +1.100. We laten kosten en belasting in dit eerste voorbeeld buiten beschouwing.

De vergelijking is:

0 = −1.000 + 100 / (1 + r) + 1.100 / (1 + r)²

Hier is r de IRR. Vul je 10% in, dan krijg je:

Brede tabel: schuif opzij om alle kolommen te bekijken.
KasstroomWaarde vandaag bij 10%
Investering nu−€1.000,00
€100 na één jaar: 100 / 1,10+€90,91
€1.100 na twee jaar: 1.100 / 1,10²+€909,09
Netto contante waarde€0,00

De IRR is dus 10% per jaar. Je ontvangt in totaal €1.200, maar de €200 winst delen door twee jaren geeft niet in het algemeen het juiste jaarrendement. Het tijdstip van de ontvangsten maakt verschil.

Hoe vind je het percentage?

Bij ingewikkeldere kasstromen probeert een rekenprogramma verschillende percentages totdat de NCW vrijwel nul is. Voor ons voorbeeld kun je de uitkomst zelf controleren:

Brede tabel: schuif opzij om alle kolommen te bekijken.
Percentage om terug te rekenenNetto contante waarde
8%+€35,67
10%€0,00
12%−€33,80

Bij dit patroon — eerst één investering, daarna alleen ontvangsten — daalt de NCW als je een hoger percentage gebruikt. Het omslagpunt ligt op 10%.

Wat is een goede IRR?

Er is geen percentage dat voor iedere belegging goed is. Vergelijk de IRR met het rendement dat je nodig vindt voor het risico, de looptijd en het vastzetten van je geld.

Bij een normale kasstroomreeks met één eerste uitgave en daarna ontvangsten is de NCW positief als de IRR boven je rendementseis ligt. In ons voorbeeld levert een rendementseis van 8% een NCW van €35,67 op. Bij een eis van 12% is de NCW negatief.

Voor een bedrijf kan de WACC een vertrekpunt zijn bij kasstromen voor de hele onderneming. Een project met een ander risico vraagt om een passende aanpassing. Voor jouw eigen belegging is de WACC van het bedrijf dus niet automatisch de juiste rendementseis.

Een verwachte IRR van 15% zegt bovendien weinig als de verkoopopbrengst te optimistisch is geschat. Reken ook met minder inkomsten, hogere kosten en een latere verkoop.

IRR of netto contante waarde?

IRR vertelt je iets in procenten. NCW laat in euro’s zien hoeveel waarde een investering volgens je aannames toevoegt boven je rendementseis.

Neem twee fictieve projecten met dezelfde looptijd van één jaar en hetzelfde risico. Bij beide komt alle opbrengst aan het einde binnen. We gebruiken een rendementseis van 8%.

Het hoogste percentage wint niet altijd
Project A · €1.000 inleg30% IRR

€203,70 waarde toegevoegd

Project B · €10.000 inleg20% IRR

€1.111,11 waarde toegevoegd

Fictieve projecten van één jaar met hetzelfde risico. Toegevoegde waarde is de NCW bij een rendementseis van 8%. B vraagt tien keer zoveel begininleg.

Brede tabel: schuif opzij om alle kolommen te bekijken.
ProjectInvestering nuOntvangst na één jaarIRRNCW bij 8%
A€1.000€1.30030%€203,70
B€10.000€12.00020%€1.111,11

A heeft de hoogste IRR, maar B voegt meer waarde in euro’s toe. Kun je maar één project kiezen en is er voldoende kapitaal, dan wijst de NCW in dit voorbeeld naar B. Met een beperkt budget moet je ook bekijken welke combinatie van projecten haalbaar is.

Bij verschillende looptijden is de vergelijking ingewikkelder: je moet ook bepalen wat je met het geld doet zodra het kortere project afloopt. Alleen de hoogste IRR kiezen is dan onvoldoende.

IRR, XIRR en totaalrendement: het verschil

Brede tabel: schuif opzij om alle kolommen te bekijken.
MaatstafWat meet je?Wanneer past die?
TotaalrendementTotale winst of verlies als percentage van de begininlegEen eenvoudige belegging zonder extra stortingen; tel uitkeringen mee
CAGRSamengestelde groei per jaar tussen begin- en eindwaardeEén begininleg en geen tussentijdse kasstromen
IRRRendement per gelijke periode, rekening houdend met kasstromenBijvoorbeeld een project met jaarlijkse betalingen
XIRRJaarrendement met de werkelijke betaaldataStortingen of opnames op onregelmatige datums

Zonder tussentijdse kasstromen geven CAGR en de jaarlijkse IRR hetzelfde resultaat. €1.000 die na precies twee jaar €1.210 wordt, heeft 21% totaalrendement en 10% samengesteld jaarrendement: 1,10 × 1,10 = 1,21.

Bij een portefeuille waarin je bijstort, is een simpele vergelijking van begin- en eindwaarde misleidend. Voor XIRR noteer je jouw stortingen als negatieve bedragen en opnames als positieve. Op de einddatum neem je ook de resterende portefeuillewaarde als positieve eindkasstroom mee, zelfs als je nog niet verkoopt.

Die eindwaarde is dan een waardering, geen gerealiseerde ontvangst. Dividend dat binnen de portefeuille blijft, tel je niet óók als opname: het zit al in de portefeuillewaarde. Zo voorkom je dubbel tellen.

IRR en XIRR hangen af van hoeveel en wanneer je inlegt. Voor een vergelijking van fondsen of beheerders wordt vaak een tijdgewogen rendement gebruikt, dat de invloed van externe stortingen en opnames apart behandelt.

IRR berekenen in Excel

Zet het tweejarenvoorbeeld in drie cellen onder elkaar. Typ bedragen als getallen, zonder tekst zoals “euro”.

Brede tabel: schuif opzij om alle kolommen te bekijken.
CelWaardeMoment
B2−1000Nu
B3100Einde jaar 1
B41100Einde jaar 2

In Nederlandstalige Excel gebruik je =IR(B2:B4). In Engelstalige Excel heet de functie =IRR(B2:B4). Geef de uitkomst weer als percentage: 10%.

Controleer de NCW bij een eis van 8% met =NHW(8%;B3:B4)+B2. In Engelstalige Excel: =NPV(8%,B3:B4)+B2. De investering op tijdstip nul staat buiten de NHW-reeks; anders reken je die onterecht één periode terug.

Bij ongelijke betaaldata zet je de echte Excel-datums in A2:A4 en gebruik je =IR.SCHEMA(B2:B4;A2:A4), of in Engelstalige Excel =XIRR(B2:B4,A2:A4). XIRR rekent op basis van een jaar van 365 dagen. De taal en instellingen bepalen de functienaam en scheidingstekens.

IRR met maandelijkse kasstromen geeft een maandpercentage. De jaarlijkse samengestelde tegenhanger is (1 + maand-IRR)¹² − 1, niet simpelweg twaalf keer het maandpercentage. Vul een periode zonder betaling met 0; sla die niet over.

Vier valkuilen van IRR

1. Er kunnen meerdere uitkomsten zijn

Als ontvangsten en uitgaven elkaar afwisselen, kan meer dan één percentage de NCW op nul zetten. Denk aan een project waarbij je later nog een opruimrekening moet betalen.

Eén kasstroomreeks kan twee IRR’s hebben
Vandaag−€100
Na één jaar+€230
Na twee jaar−€132

10% IRRNCW = €0

20% IRRNCW = €0

Fictief voorbeeld met twee tekenwisselingen. Beide percentages maken −100 + 230 / (1 + r) − 132 / (1 + r)² gelijk aan nul. Beoordeel de NCW bij jouw rendementseis.

Bij de fictieve kasstromen −€100 nu, +€230 na één jaar en −€132 na twee jaar zijn zowel 10% als 20% een IRR. Je kunt dan niet blind één uitkomst vergelijken met je rendementseis. Bekijk de NCW bij een passend percentage. Sommige reeksen hebben helemaal geen bruikbare IRR.

2. Een schatting is geen behaald rendement

Verwachte huur, dividend en verkoopwaarde zijn aannames. Neem kosten, eventuele belastingen en alle latere uitgaven mee als je jouw nettoresultaat wilt beoordelen. Een eindwaarde die hoger wordt ingeschat, maakt de IRR mooier zonder dat er geld is ontvangen.

3. Een hoog percentage vertelt niet het hele verhaal

Een kleine investering kan een hoog percentage hebben en toch weinig euro’s opleveren. IRR vertelt je ook niet hoe groot het verliesrisico is of hoe gemakkelijk je kunt uitstappen.

4. Herbeleggen kan tegen een ander rendement

De IRR-berekening zelf laat zien bij welk percentage de NCW nul is. Ze bewijst niet dat je tussentijdse ontvangsten opnieuw tegen dat percentage kunt beleggen. Wil je weten hoeveel eindvermogen je opbouwt, reken dan afzonderlijk met een realistische herbeleggingsrente. MIRR is een variant waarin je een financierings- en herbeleggingsrente kunt opgeven.

Veelgestelde vragen

Kan de IRR negatief zijn?

Ja. Als je €1.000 betaalt en na één jaar maar €900 terugkrijgt, is de IRR −10%. Een positieve uitkomst garandeert op zichzelf ook niet dat je rendementseis wordt gehaald.

Is IRR hetzelfde als dividendrendement?

Nee. Dividendrendement kijkt naar de uitkering in verhouding tot de koers. IRR kan daarnaast de aankoop, verkoop en andere kasstromen meenemen, inclusief hun tijdstip. Lees ook over dividend beleggen.

Waarom geeft Excel een foutmelding?

Controleer eerst of er minstens één negatief en één positief bedrag is, of de volgorde klopt en of je echte datums gebruikt bij XIRR. Een fout kan ook betekenen dat Excel geen oplossing vindt. Een andere startschatting kan helpen, maar controleer bij ongebruikelijke kasstromen altijd of er meerdere uitkomsten zijn.

Bronnen en controle

Gecontroleerd op 5 oktober 2026. Alle bedragen in dit artikel zijn fictieve onderwijsvoorbeelden. We hebben de NCW-uitkomsten, samengestelde groei en beide oplossingen van het laatste voorbeeld afzonderlijk nagerekend. Er worden geen actuele beleggingen aanbevolen.

Dit artikel is algemene uitleg en geen persoonlijk financieel advies. De uitkomst van een berekening blijft afhankelijk van de ingevoerde kasstromen en aannames.

Redactionele controle

Controleer zelf waarop dit artikel rust

Hier zie je wie verantwoordelijk is, welke controle is vastgelegd en welke primaire links bij dit artikel horen. Een controledatum tonen we alleen na een echte inhoudelijke controle.

Verantwoordelijk
Tom Otto
Controle-status
Broncontrole vastgelegd
Bronlinks
7 directe controlelinks
Uitleg

Begrippen, formules en voorbeelden worden gecontroleerd op interne consistentie.

Nuance

We benoemen wanneer een maatstaf niet zelfstandig gebruikt kan worden.

Toepassing

Voorbeelden zijn bedoeld als uitleg en niet als persoonlijk beleggingsadvies.

Gegevens kunnen wijzigen. Controleer vóór aankoop altijd het actuele EID en de officiële fondsdocumentatie.